We hanteren bij duurzame investeringen zoals een warmtepomp een strenge, rationele meetlat: de terugverdientijd. Maar bij andere grote aankopen gebruiken we die nooit. En dat is onterecht.
Opiniestuk - 11 november 2025

FOTO Medewerkers van het isolatiebedrijf ikwilisolatie.nl voeren werkzaamheden uit aan de binnenzijde van een woning in Woldendorp. Joris van Gennip / de Volkskrant
Waarom moet alleen een duurzame aankoop zich snel terugverdienen?
Mooi bankstel. Wat is de terugverdientijd?’ Een rare vraag, maar bij energiebesparende producten zijn we dit heel normaal gaan vinden. We vinden het belangrijk dat een duurzame aankoop zich snel ‘terugverdient’. Bij een iets langere terugverdientijd, zeg 5 jaar, haken we gemakkelijk af (bron)Ebrahimigharehbaghi, S. (2022). Understanding the decision-making process in homeowner energy retrofits: From behavioral and transaction cost perspectives. A+BE | Architecture and the Built Environment, 12(06), 1-302. https://doi.org/10.7480/abe.2022.06.6573. Maar waarom stellen we onszelf deze vraag niet als we een nieuw bankstel kopen? Of zelfs bij een cv-ketel? We meten met twee maten en het is de hoogste tijd dat daar verandering in komt.
Even terug naar de herkomst van het woord. Het woord ‘terugverdienen’ verschijnt voor het eerst in 1976 in de Dikke van Dale en wordt omschreven als ‘verdienen wat men eerder heeftuitgegeven of geleend’. Als voorbeeld worden de kosten van een studie gegeven die later in het werkende leven terugverdiend moeten worden. Het AD gebruikte het woord voor het eerst in 1977 in relatie tot energieverbruik. Dat doen ze in een artikel over zonnepanelen (bron)Terugverdientijd. (1977, 1 oktober). De Pers. Geraadpleegd op 28 oktober 2025, van https://www.delpher.nl/nl/kranten/view?query=terugverdientijd&facets%5Bperiode%5D%5B%5D=0%7C20e_eeuw%7C&page=1&sortfield=date&coll=ddd&identifier=KBPERS01:002937001:mpeg21:a00227&resultsidentifier=KBPERS01:002937001:mpeg21:a00227&rowid=3.
De terugverdientijd van bijvoorbeeld spouwmuurisolatie (twee tot drie jaar) zou moeten laten zien wanneer je genoeg hebt bespaard op je energierekening om de investering terug te verdienen. Die vergelijking gaat uit van de huidige situatie (zonder spouwmuurisolatie) versus de nieuwe situatie (met spouwmuurisolatie). Vaak wordt gerekend met de huidige energieprijzen, maar met de verwachting dat deze prijzen gaan stijgen, zou dat de terugverdientijd nog korter maken.
Duurzame producten
We lijken nu dus niet meer zonder het woord ‘terugverdientijd’ te kunnen. Maar alléén in relatie tot duurzame producten. Zodra iets goed is voor het klimaat, moet het zich ineens economisch bewijzen. Een warmtepomp die zichzelf terugverdient na ongeveer 10 jaar. Dak- en glasisolatie na ongeveer 12 jaar (bron)Milieu Centraal. (z.d.-a). Milieu Centraal – Praktisch over duurzaam. Geraadpleegd op 26 oktober 2025, van https://www.milieucentraal.nl/. Het zou ons moeten aanzetten tot rationele keuzes. De overheid en leveranciers maken daarom gretig gebruik van dit verkoopargument.
De nadruk zou erop moeten liggen dat deze producten en maatregelen gewoon een verbetering opleveren. Ze zorgen dat je simpelweg minder energie nodig hebt. Dat je minder afhankelijk bent van de leverancier die energie levert. Dat je wooncomfort omhoog gaat. Minder last hebt van tocht. Je huis toekomstbestendig is. Je energielabel en dus je woningwaarde omhoog gaat.
Spaarrente
Milieu Centraal is inmiddels gestopt met het benoemen van de terugverdientijd. Hun reden: die methode doet duurzame investeringen vaak tekort. Ze houdt geen rekening met voordelen over de héle levensduur, toekomstige prijsstijgingen of rente op bespaard geld. In plaats daarvan gebruiken ze nu een vergelijking met spaarrente: spouwmuurisolatie levert een ‘rente’ op van zo’n 11 procent (bron)Milieu Centraal. (z.d.-b). Rendement energiebesparing. Geraadpleegd op 20 oktober 2025, van https://www.milieucentraal.nl/energie-besparen/energiesubsidies-en-leningen/rendement-energiebesparing/. Een krachtige vergelijking, al blijft ‘11 procent rente’ abstracter dan ‘terugverdiend in vier jaar’. Maar het dwingt ons wel om anders te kijken: als investering in plaats van als kostenpost.
Maar er is nog een ander belangrijk punt: ongelijkheid. Voor veel huishoudens is het niet de terugverdientijd die hen weerhoudt, maar simpelweg de hoogte van de investering. Je moet het geld wel hebben, of kunnen lenen. Wie dat niet kan, kijkt niet naar een rekentool maar naar zijn banksaldo. De focus op terugverdientijd kan zo onbedoeld mensen buitensluiten die juist veel te winnen hebben bij lagere energielasten.
Kwaad daglicht
Door zo nadrukkelijk op terugverdientijd te focussen, zetten we duurzame producten onterecht in een kwaad daglicht. Alsof ze alleen maar de moeite waard zijn als ze zich snel terugbetalen. Hierdoor schaffen minder mensen de producten aan.
Dus laten we stoppen het woord te gebruiken of leg voortaan alle aankopen langs dezelfde meetlat. Vraag je buurman wanneer hij zijn nieuwe auto heeft terugverdiend. Je moeder wanneer ze denkt dat haar nieuwe broek zich heeft terugbetaald. Of je partner wanneer deze gaat besparen op de nieuw aangekochte fiets.
